De digitale overheid speelt in op onze volksaard

IT
3 min lezen

Ongeveer 15 jaar geleden introduceerde Albert Heijn als eerste supermarkt het gebruik van de zelfscanner. Het was een kleine revolutie.

Je hoefde als klant niet meer in een rij voor de (altijd traagste) kassa te wachten, maar kon nu zelf scannen, betalen, en klaar. Wat een heerlijk efficiënte en tijdbesparende manier van boodschappen doen! Al snel namen bijna alle supermarkten deze methode over. Iedereen blij, behalve misschien enkele ouden van dagen die liever afrekenen bij een gezellige caissière.

We regelen het graag zelf

Het ‘zelf doen’ zit diep in de Nederlandse volksaard ingebakken. We klussen graag zelf, we regelen onze vakantie zelf en we doen onze belastingaangifte zelf. Ook regelen we graag zelf onze bankzaken. Nederland is samen met de Denen koploper in internetbankieren. Deze zelfredzaamheid is ook de overheid niet ontgaan. Het regeerakkoord van Rutte-II bevatte het doel dat Nederlanders in 2017 al hun zaken met de overheid digitaal moeten kunnen afhandelen. Die streefdatum werd destijds niet gehaald, maar tegenwoordig kan iedereen met zijn DigiD veel gemeentezaken zelf afhandelen. Met een paar klikken regel je de aanvraag voor een nieuw paspoort of een bouwvergunning. Ook voor bijvoorbeeld thuiszorg of maatschappelijke hulp kun je online terecht. Maar is deze digitale toegangsweg wel voor iedereen bereikbaar? 

Beter digitaal contact

Twee jaar terug lanceerde de overheid NL DIGIbeter. Dit initiatief werd in het leven geroepen met het doel om het digitale contact van de overheid met burgers en ondernemers slimmer, toegankelijker en persoonlijker te maken. Dit plan wordt elk jaar bijgewerkt. Voor 2020 staat centraal dat iedereen (digitaal) mee kan blijven doen (#allemaaldigitaal), dat de digitale dienstverlening veilig, gebruiksvriendelijk en betrouwbaar moet zijn en dat de inzet van technologie voor maatschappelijke doeleinden niet voorbijgaat aan de (ethische) vragen die deze technologie oproept. Kortom: de overheid moet voor iedereen online bereikbaar zijn, en wel op een veilige manier, zonder dat dit problemen oplevert voor de burger. Mooi, en lukt dat al een beetje?

Niemand buitensluiten

Het gaat best aardig. Allereerst heeft de overheid voor mensen die digitaal iets minder onderlegd zijn het ‘digitaal, tenzij’-principe in het leven geroepen. Dit houdt in dat publieke dienstverlening aan de burger in eerste instantie digitaal is en dat er voldoende hulp beschikbaar is voor als het niet lukt. Dat is enorm belangrijk, want als overheid wil en mag je niemand buitensluiten. Het initiatief #allemaaldigitaal laat zien dat een groep Nederlanders geen laptop of tablet in huis heeft. De meeste mensen uit deze groep zijn zeer gebaat bij dit initiatief, en krijgen bovendien extra ondersteuning in de vorm van hulplijnen. Sommige gemeenten bieden ook hulp via videobel-gesprekken. Heel handig, want met opties als ‘schermdelen’ kun je lastige online processen veel makkelijker uitleggen. Belangrijk is wel dat er gebruik wordt gemaakt van een gebruiksvriendelijke en veilige videobel- toepassing. Zo belanden persoonlijke gegevens niet op straat.

DigiD is niet altijd veilig

Ten tweede streeft de overheid ernaar om de online diensten op een gebruiksvriendelijke en veilige wijze aan te bieden. Daar zitten nogal wat haken en ogen aan. Met je DigiD kun je jezelf bij overheidsorganisaties identificeren en je zaken regelen. Heel gebruiksvriendelijk dus. Maar net als bij de pincode van je bank is de veiligheid ook de verantwoordelijkheid van de gebruiker. Als die in een phishing-truc trapt en zijn wachtwoord een cybercrimineel verstrekt, ligt er misbruik op de loer. En helaas komt dat regelmatig voor

Als derde punt stelt de overheid dat de gebruikte technologie niet voorbij mag gaan aan de (ethische) vragen die ze oproepen. Het plan stelt dat ‘innovatie nooit een doel op zich [is], maar een middel om (versneld) oplossingen te bieden voor maatschappelijke vraagstukken en om overheidsdienstverlening slim in te richten’. Daar zal iedereen het mee eens zijn. Echter, de praktijk wijst echter uit dat sommige overheidsplannen een ‘moneypit’ zijn, terwijl andere plannen uitblinken in innovatie

Digigoed of digibeter?

Wordt NL Digibeter een succes? De slagingskans van een digitaal initiatief is van veel zaken afhankelijk, maar vooral van het feit of de burger de aangeboden dienst wil en kan gebruiken. Gebruiksgemak staat daarbij centraal, en natuurlijk de garantie dat privacygevoelige informatie niet door derde partijen wordt misbruikt. Uiteindelijk voorzie ik dat de digitale omslag van de overheid, na wat vallen en opstaan, veel waardering zal krijgen. Het kan niet anders. We willen alles zo graag zelf doen.

Zivver Meet is de beveiligde videobeldienst voor de zorgsectoren en voldoet aan alle benodigde wet- en regelgeving. Geïnteresseerd in Zivver Meet en benieuwd wat het precies is? Klik dan op onderstaande knop om de productinformatie over Zivver Meet vrijblijvend te downloaden. 

Download productsheet

Geschreven door

Loet van Veghel

Gepubliceerd op november 6, 2020

Laatst gewijzigd op november 6, 2020